Het Zorgprestatiemodel

Andries Zwanenburg

"Het zorgprestatiemodel brengt vermindering van registratiedruk voor behandelteams"

De GGZ gaat in heel Nederland werken met een nieuwe manier van bekostiging: het zorgprestatiemodel. Het model is veel simpeler en overzichtelijker dan de bestaande manier van bekostiging via Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s). Het zorgprestatiemodel gaat veel meer uit van de daadwerkelijk geleverde zorg aan de patiënt. Het model wordt ingevoerd op 1 januari 2022. Planning afhankelijk van landelijke ontwikkelingen GGZ inGeest is volop bezig met de voorbereidingen van invoering van het zorgprestatiemodel per 1 januari 2022. Het projectteam heeft inmiddels concepten gemaakt voor de nieuwe registratieprocedures. “Deze zijn gevalideerd door de adviseurs administratieve organisatie. De komende tijd leggen we deze ook voor aan medewerkers van uitvoerende afdelingen en behandelaren, om ze nog verder aan te scherpen. Ook maken we een plan van aanpak voor het schrijven van de werkinstructies. De verwachting is dat we na de zomer beginnen met aanpassing van de werkinstructies én het testen van de registratie van verschillende consulten in het nieuwe systeem.” Tegelijk zijn wij voor onze planning sterk afhankelijk van landelijke ontwikkelingen. “De specificaties van het zorgprestatiemodel zijn bijna een jaar later opgeleverd dan gepland”, zegt Andries Zwanenburg, in het projectteam verantwoordelijk voor administratie en ICT. “Dat heeft natuurlijk ook invloed op de planning van de leveranciers van het elektronische patiëntendossier. Betrokken partijen zijn nog volop in overleg. De verwachting is nu dat we vanaf april 2022 volledig kunnen facturen met het nieuwe model.”

Beleidskeuzes GGZ inGeest moet ook nog een aantal belangrijk beleidskeuzes maken. “Hoe gaan we bijvoorbeeld consulten registreren? Doen we dat met gerealiseerde tijd of werken we met ‘planning is realisatie’? Dat laatste betekent dat we de geplande consulten als uitgangspunt nemen voor de registratie. Het voordeel is dat consulten in de meeste gevallen niet meer achteraf hoeven te worden aangepast en daarmee verminder je de regeldruk bij de behandelaren. En verder moeten we nog goed kijken naar inbedding van de zorgvraagtypering, op zo’n manier dat onze zorg zo doelmatig mogelijk is en de registratie niet te tijdrovend is voor behandelaren.” Flinke stappen Andries verwacht dat de invoerdatum voor het registreren van de zorgprestaties per januari 2022 wel gehaald kan worden. “We moeten nog flinke stappen zetten, dus we vragen de hulp van de hele organisatie. Om de zorgvraagtypering goed in de systemen te krijgen, hebben we bijvoorbeeld de behandelaren echt nodig. Iedereen zal een steentje bij moeten dragen. Maar voor behandelteams brengt het zorgprestatiemodel straks echt vermindering van registratiedruk met zich mee. Ook is er in het zorgprestatiemodel een duidelijker relatie tussen problematiek, diagnostiek en behandeling. De patiënt krijgt sneller en transparanter zijn factuur. Hij weet beter welke zorg hij krijgt.”